De UvA komt eraan…

Hoe verhuis je genetisch gemanipuleerde bacteriën die je bij tachtig graden onder nul moet bewaren? De UvA-levenswetenschappers komen naar de VU-campus en dat gaat niet vanzelf.

In Advalvas #14, 23 maart 2016

De verhuizing van bèta’s tussen Zuidas en Science Park is begonnen. Ongeveer twintig microbiologen hebben half maart als eerste UvA’ers hun intrek genomen in het O2-gebouw – dat nieuwe witte gebouw aan de De Boelelaan, met de scheve palen, naast Acta en VUmc.

Op het Science Park is twee weken eerder nog niks te merken van de aanstaande verhuizing. Alle boeken staan nog in de kasten, posters hangen aan de muur, op computers wordt driftig getikt. Alleen in het laboratorium krijgt de bezoeker een haastig gevoel. Jonge mensen in witte jassen lopen met versnelde pas heen en weer voor hun laatste experimenten.

“Iedereen heeft nog een week om proeven te doen”, zegt laborant Tjalling Siersma. “Daarna gaan we weggooien en inpakken.” Hij toont een ruimte met werkbanken met reageerbuisbakken erop, waarboven allerlei glazen flessen staan met vloeistoffen in verschillende kleuren. Langs de ramen staan apparaten waarvan sommige in stemmig lichtbruin herinneren aan de jaren zeventig. “De meeste apparaten gaan mee, maar alle chemische oplossingen gaan weg.”

De min-80 als struikelblok

Naast een grote vriezer blijft Siersma staan en klopt er even op. “Dit is de min-80, ons kapitaal. Hierin kunnen we gekweekte bacteriestammen eeuwig bewaren.” Hij haalt met zijn blote handen een stapel doosjes uit de vriezer en laat van één zien dat er kleine buisjes met iets wits in zitten. Hij leest het labeltje. “Kijk, dit is bijvoorbeeld een E. Coli-bacterie waarbij een stukje uit het dna gehaald is. Die kun je ontdooien en opkweken en er vervolgens proeven mee doen. We gebruiken lang niet alles zelf. We krijgen ook aanvragen uit het buitenland.” Als de stroom uitvalt en alles ontdooit, voegt hij toe, is er zo veertig jaar werk weggegooid.

De vriezer is niet alleen het kostbaarste bezit van de microbiologen, hij is ook een struikelblok in de verhuizing. “Hij past niet in de lift”, zegt Siersma met een licht spottende glimlach. Hij zwijgt even. “Alleen op z’n kant. Dus alles moet eruit en in de vriezer die daar klaarstaat, hij moet ontdooid worden, dan kan hij rechtop en vervolgens moet hij twee dagen tot rust komen voor hij weer aan kan.” Siersma zal blij zijn als de verhuizing achter de rug is.

“Ik heb nog nooit iemand ontmoet die verhuizen prettig vindt”, zegt groepsleider Leendert Hamoen. “Het is een gedoe. Maar het is ook een heel goede ontwikkeling dat er nu een sterke samenwerking komt tussen de UvA en de VU.” Hamoen en zijn twee groepen zitten in het nieuwe gebouw naast microbiologen van de VU en een paar verdiepingen erboven werken biomedici van VUmc. “Nu zitten we met mensen van informatica op de gang en aan de andere kant neurobiologen. Daar hebben we toch minder mee.”

Centrifuge delen

In het O2-gebouw zit elke groep nog wel bij elkaar, maar er is ook veel gedeelde ruimte, en ze delen apparatuur. “Met de VU-groepen samen hebben we een ultracentrifuge gekocht, waarmee we eiwitten kunnen scheiden”, zegt Hamoen. “En ze betalen mee aan de aanschaf van een nieuwe microscoop.” Hij herhaalt het veelgehoorde argument voor de bètasamenwerking: het onderzoek wordt steeds gedetailleerder en de apparatuur steeds duurder. Je kunt niet als klein groepje microbiologen in je eentje mee blijven doen op internationaal niveau. “Wil je de grote vragen oplossen, dan moet je samenwerken.”

Hamoen vindt het daarom jammer dat de beoogde fusie van de bètafaculteiten van de VU en de UvA tot de Amsterdam Faculty of Science eind 2014 is afgeschoten door de medezeggenschap (vooral de studentenraad) van de UvA. “Het is eigenaardig dat studenten dat hebben kunnen wegstemmen. Hoe kan een student de strategie van een universiteit over twintig jaar overzien? Het heeft het proces enorm vertraagd.” Maar het staat de samenwerking op zich niet in de weg.

Fietsen

In het lab komt promovendus Edward de Koning voorbij met een doosje reageerbuisjes. “Ik ga over een week op vakantie. Dus ik wil nog zo veel mogelijk afmaken voor die tijd. Dat komt nu wel goed uit met de verhuizing, maar het was niet zo gepland.” Maar hij wil wel even tijd maken om koffie te drinken. “Ik heb begrepen dat er een hoop protesten waren tegen de Amsterdam Faculty of Science. Ik studeerde zelf in Leiden, dus heb het niet van dichtbij meegemaakt. De studenten waren bang voor identiteitsverlies. Dat snap ik wel, maar ik snap ook de kant van het management dat ze meer intensieve samenwerking willen.”

Ook over de verhuizing is De Koning dubbel. “Ik kijk ernaar uit om van gedachten te wisselen met de medisch biologen van de VU. Maar ik werk ook veel samen met mensen hier op het Science Park. Dus in de praktijk komt het er denk ik op neer dat ik nog één dag in de week hier naartoe moet fietsen.”

 

Celdeling ontrafelen

De microbiologen van de UvA doen fundamenteel onderzoek naar bacteriën. “De grote vraag in ons veld is: hoe werkt celdeling?” vertelt Leendert Hamoen, hoogleraar algemene microbiologie. “Dat is belangrijk om te weten, bijvoorbeeld om beter te leren hoe we die celdeling kunnen stoppen met nieuwe antibiotica.” De vakgroep komt in het O2-gebouw samen met onderzoekers van VU, UvA en VUmc die onderzoek doen op het gebied van de levenswetenschappen.