Zingen op recept

Iedereen wordt er vrolijk van. Maar zingen doet méér. Het maakt het leren van een vreemde taal makkelijker, geeft dyslectische kinderen steun bij het leren lezen en helpt mensen na een hersenbloeding hun taal terug te veroveren. Wat is het geheim van zang?

In Psychologie Magazine, december 2010.

Samuel S. is na een hersenbloeding zijn woorden helemaal kwijt. Na twee jaar spraaktherapie heeft hij nog geen enkele vooruitgang geboekt, schrijft de Amerikaanse neuroloog Oliver Sacks in zijn boek Musicofilia. De artsen hebben het al bijna opgegeven, als de muziektherapeute van het ziekenhuis op een dag langs zijn kamer loopt en hem ‘ol’ man’ en ‘Mississippi’ hoort zingen. Het zijn woorden uit Ol’ Man River, een liedje uit een musical. Daarop begint ze hem te behandelen met muziek en zang. Al snel volgen woorden waar hij eerst niet op kon komen. Binnen twee maanden kan hij ook in gewone taal korte antwoorden geven op vragen.

Hoe is het mogelijk dat iemand die niet kan praten wel een liedje kan zingen? Want Samuel S. is zeker niet de enige bij wie het zo ging. De magische werking van zingen krijgt in de wetenschap steeds meer aandacht en het aantal stoornissen en ziektes waarbij zingen en muziek een positief effect blijken te hebben, stapelt zich op.

Nogal wat stotteraars bijvoorbeeld haperen nooit tijdens het zingen en leren er beter door spreken. Parkinsonpatiënten gaan door zangtherapie verstaanbaarder en harder praten, leren klinkers beter uitspreken en gaan zelfs weer beter lezen. Zingen kan autistische kinderen helpen bij de ontwikkeling van taal, voor dyslectische kinderen heeft muziek een positief effect op hun leesprestaties en multiple-sclerose-patiënten, die vaak geheugenproblemen hebben, onthouden gezongen woorden beter dan gesproken.

Wat is dat toch aan zingen, dat het taal makkelijker maakt en zelfs terug kan toveren?

Langzame taal
Een van de antwoorden luidt dat zingen langzamer gaat dan spreken. Als je woorden langzamer uitspreekt, is er meer tijd om stil te staan bij de afzonderlijke klanken waaruit ze zijn opgebouwd en dat is belangrijk. Dat zie je bijvoorbeeld bij mensen die stotteren. Die hebben minder moeite met spreken als ze dat langzaam of zingend doen, doordat het de overgang van de ene naar de andere klank vereenvoudigt. Zingen of langzaam spreken wordt daarom vaak toegepast in stottertherapieën.

Voor dyslectische kinderen is het ook belangrijk dat ze zich bewust zijn van de afzonderlijke klanken van een woord, want ze gaan er beter door lezen. Marie Forgeard en haar collega’s van de Amerikaanse Harvard University lieten zien dat dyslectische kinderen die de losse klanken van een gesproken woord beter van elkaar konden onderscheiden, beter lazen dan kinderen die de taalklanken minder goed uit elkaar konden houden.

Bovendien ontdekten deze onderzoekers dat muzikale scholing beïnvloedde hoe goed de kinderen losse taalklanken hoorden. Kinderen met muziekervaring konden beter aangeven of twee melodietjes hetzelfde waren of niet, doordat hun hersenen efficiënter hadden geleerd klanken van elkaar te onderscheiden. Daardoor hoorden ze de verschillen tussen taalklanken ook beter, wat weer een positief effect had op hun leesprestaties.

Lettergrepenwaterval
Zingen is dus makkelijker dan gesproken taal doordat het langzamer gaat, maar dat is niet het enige. Er is ook een link met het geheugen, liet de Franse onderzoeker Daniele Schön zien.

Schön wilde studenten een kunstmatige taal leren door ze te laten luisteren naar een constante stroom van woorden. De woorden in de neptaal bestonden allemaal uit drie lettergrepen – gysimi, mosigi en pisipy – die direct achter elkaar werden uitgesproken, zonder pauzes ertussen. Sommige studenten luisterden naar een gezongen versie van de lettergrepenwaterval, anderen kregen alles monotoon gesproken voorgeschoteld. Na zeven minuten luisteren bleek dat de studenten die toegezongen waren een deel van de nepwoorden had geleerd, terwijl de ‘monotone’ studenten helemaal geen woorden hadden onthouden.

Daar zou emotie wel eens een rol in kunnen spelen, denkt Daniele Schön, want de studenten die de nieuwe taal gezongen hoorden, vonden het experiment een stuk leuker dan de anderen. Het positieve gevoel zorgde er wellicht voor dat de studenten aandachtiger luisterden naar de nepwoordenbrij, waardoor ze eerder opmerkten welke lettergrepen altijd in een vaste volgorde voorbij kwamen en dus wat de woorden van de nieuwe taal waren. Die kregen vervolgens een plek in hun geheugen.

‘Muziek is een sterke drager van herinneringen,’ zegt ook Henkjan Honing, bijzonder hoogleraar muziekcognitie aan de Universiteit van Amsterdam. ‘Het is veel makkelijker om woorden via een liedje te onthouden dan wanneer ze gewoon gesproken zijn. Zelfs baby’s hebben al een bijzondere interesse in de muzikale aspecten van hun moedertaal. Ze imiteren bijvoorbeeld de intonatie. In het Frans gaat die aan het eind van een zin vaak omhoog, in het Duits juist naar beneden. En wat blijkt? Franse baby’s huilen omhoog, Duitse baby’s huilen omlaag.’

Levenslange liefde
Zuigelingen hebben sowieso een voorkeur voor zingen, ontdekten Canadese onderzoekers. Video’s waarin hun moeder zong vonden baby’s van een half jaar veel interessanter dan beelden waarop ze praatte. Ze keken langer naar die eerste video en ze bewogen er minder bij, wat volgens de onderzoekers aangeeft dat de zingende moeder ze meer boeide.

De voorliefde voor zingen blijft tot aan het einde van het leven bij ons. Onderzoekers van de Canadese Queen’s University beschreven een demente vrouw van 84 wier geheugen, taal en cognitieve vaardigheden flink aangetast waren door de ziekte van Alzheimer. Als ze sprak en even pauzeerde om op een woord te komen, raakte ze de zin waarin ze bezig was kwijt – en dan hield ze maar op met praten. Gesproken instructies begreep ze niet meer. Maar als de onderzoekers haar liedjes lieten horen, was alles anders. Ze reageerde op bekende melodieën door mee te zingen en zong zelfs door als de melodie was stopgezet. Dan lukte het opeens wel om de woorden te vinden. En ze had er duidelijk veel lol in.

Maar hoe zit het dan met mensen die door te zingen uiteindelijk ook weer beter leren praten, zoals Samuel S.? Het antwoord op die vraag ligt volgens wetenschappers in de hersenen. De rechterhersenhelft is namelijk meer dan de linker gespecialiseerd in het verwerken van langzaam veranderende geluiden. Doordat zingen langzamer gaat, activeert het de rechterhersenhelft dus meer dan praten.

Therapieën voor mensen die na een beroerte in hun linkerhersenhelft problemen hebben gekregen met spreken, maken daar dankbaar gebruik van. Laat je ze bijvoorbeeld luisteren naar hun favoriete muziek, dan gaat hun taalvermogen al een stuk meer vooruit dan wanneer ze alleen luisteren naar gesproken taal via luisterboeken.

Uitgerekte lettergrepen
Een therapie die expliciet werkt met zingen is de melodische-intonatietherapie. De therapeut en patiënt zingen hier samen uitgerekte lettergrepen – ‘Ik heb honger’ wordt een melodisch ‘IIIk heeeb hooongeeer’ – en naarmate de therapie vordert, laten ze de zangmelodie steeds meer achterwege en leert de patiënt weer gewoon praten.

‘Niet iedereen houdt van zingen,’ zegt Harvard-onderzoekster Catherine Wan over deze aanpak, ‘dus het emotionele aspect ervan kan zeker niet de enige verklaring zijn van dat effect. Het idee van de therapie is dat we op zoveel mogelijk manieren de rechterhersenhelft betrekken bij het spreken om zo het beschadigde spraakvermogen te herstellen. Door woorden langzaam uit te spreken en een melodie toe te voegen, proberen we andere neurologische routes te vinden voor het spreken, omdat de beroerte in de linkerhersenhelft de bestaande wegen voor de taal heeft afgesloten.’

Hoe de hersenen precies herstellen van een beroerte en hoe zingen kan helpen om het taalvermogen terug te halen, is nog niet helemaal bekend. Maar het is duidelijk dat zingen, muziek en taal nauw met elkaar verbonden zijn. Dat is misschien wel terug te voeren tot de evolutie van de mens en het eerste begin van taal. Veel wetenschappers gaan ervan uit dat muziek en taal op een bepaalde manier met elkaar te maken hebben, hoewel er verschillende theorieën zijn.

De Britse archeoloog Steven Mithen, auteur van het boek De zingende Neanderthalers, denkt bijvoorbeeld dat muziek en taal  begonnen zijn als een gezamenlijk oercommunicatiesysteem – ‘Hmmmmm’ – waarmee de voorouders van de mens via melodische kreten en gebaren boodschappen aan elkaar overbrachten. Daaruit ontwikkelden zich vervolgens twee aparte systemen: muziek en taal. Het eerste belangrijk om emotie over te brengen en het tweede om specifiek te kunnen zeggen wat je bedoelt. In zijn theorie is zingen een heel krachtig communicatiemiddel, want het koppelt de twee systemen die ooit één waren weer aan elkaar. Het is de verbinding tussen tekst en emoties.

1 comment for “Zingen op recept

  1. 6 december 2010 at 9:17

    Ik heb het artikel in Psychologie Magazine gelezen. Mooi stuk! Ik ben er ook erg blij mee, want jouw artikel is, voor mij, wederom een versterkend argument om mijn workshop over muziek en taal: ‘Muziek als motor om de Nederlandse taal te leren’ goed en succesvol onder de aandacht te brengen.

    ‘Zing eens voor je brein’ behoort namelijk tot één van mijn werkzaamheden. Als zelfstandig werkende docente Nederlands geef ik o.a. de workshop: ‘Muziek als motor om de Nederlandse taal te leren’ waarin via moderne, Nederlandstalige liedjes (Ruth Jacott, Jeroen van der Boom, etc.) de Nederlandse taal wordt geleerd. Doelgroep: anderstaligen. De deelnemers vormen een koor en de liedjes worden o.a. met muzikanten ingestudeerd. Het resultaat wordt via een presentatie voor publiek gepresenteerd. Het leukste is nog: De deelnemers hoeven niet te kunnen zingen.

    Het effect van de workshop is verbluffend: mensen doen mee om o.a. de uitspraak en woordenschat uit te breiden, maar gaan met veel meer naar huis, waaronder een mooie start om verder te komen: ‘zelfvertrouwen’. Het is een onomstotelijk feit: via zingen leer je een taal sneller. De workshop bestaat uit 8 bijeenkomsten.

    http://www.fermietaaltrainingennederlands.nl

Comments are closed.